Menu juni 2003  S.C.G. Utrecht

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bouillabaise van gepocheerde tong met knoflookcreme en makreelsabayon

 

 

 

Zeebaars met geprakte aardappels in wijndressing

 

 

 

Lamsribstuk met asperges en peultjes

 

 

 

Perziken gevuld met marsepein, pistache-ijs en crème suisse


Bouillabaisse van gepocheerde tong met knoflookcrème en makreelsabayon

 

 

Voor 12 personen                                      

 

12 bosuitjes                                                                                          1 venkelknol

12 tongfilets                                                                                          2 gerookte makrelen                                                       

scheutjes witte wijn                                                                              10 nieuwe aardappels                                  

10 teentjes knoflook                                                                              3 /4 liter ganzenvet

roomboter                                                                                             7 eierdooiers

1 liter visbouillon                                                                                      7 eetlepels geklaarde boter               

borrelglas Pernod

100 gram koude boter

1 dl olijfolie

 

Knoflookcreme

 

Pel de knoflooktenen en zet ze in ruim water op met een snuf zout. Breng aan de kook. Giet ze af. Kook ze dan nogmaals met wat zout water (vers)  en giet weer af. Verwarm het ganzenvet in een pan, doe de knoflooktenen in het vet en laat ze op een laag vuur gaar worden. Haal ze er dan uit. Laat wat afkoelen en pureer de tenen.

 

Schil de aardappels en kook ze gaar in water met wat zout. Giet de aardappels af en pureer deze (knijper). Maak er met wat boter en wat room een smeuïge puree van. Meng de aardappelpuree met de knoflookpuree tot knoflookcrème en houd warm tot gebruik.      

 

Groente

 

Maak de bosuitjes schoon en blancheer deze in de visbouillon 1 min.

Snijd de venkelknol in dunne plakjes en bak deze in weinig olijfolie op een matig vuur goudbruin.

 

Vissaus

 

Verhit de visbouillon. Doe in een steelpan een scheutje Pernod. Laat de alcohol verdampen door de Pernod voorzichtig aan te steken. Blus de Pernod af met de visbouillon. Voeg al roerende klontjes koude boter toe en bind vervolgens met wat olijfolie.

 

Makreelsabayon

 

Zet de makreel op in een pan met 7 dl. water. Breng dit aan de kook en laat het zachtjes 20 minuten trekken.

 

Zeef de makreelbouillon. Reduceer dit tot 11/2 dl.  En doe dat in een sauspannetje. Zet dit au-bain-marie klaar en voeg al roerend de eierdooiers toe. Klop dit tot een romige sabayon die luchtig is

Ten slotte 7 eetlepels geklaarde boter door de sabayon en houd dit geheel warm. Het mag absoluut niet koken.

 

Tongfilets

Breng 2 liter water aan de kook met een flinke scheut witte wijn en wat zout. Pocheer de tongfilets hierin hooguit 90  secondes. Dit kan eventueel ook in visbouillon..

 

Serveren

 

Breng in het midden van een voorverwarmd bord de knoflookcrème aan. Lepel daaromheen wat vissaus. Dresseer daarop de tongfilets. Steek ertussen  stukjes bosui. Leg erbovenop de venkelplakjes. Schenk er à la minute de warme makreelsabayon alleen over de tongfilets en niet over de groente.

 

 

Zeebaars met geprakte aardappels en wijndressing

 

Voor 12 personen

 

12 zeebaarsfilets (kan ook nijlbaars zijn) ± 100 gram                                  1 knolselderij

18 aardappels                                                                                       12 eetlepels crème fraiche

1 eetlepel witte wijn                                                                              1 wortel

2 eetlepels fijn gesneden bieslook                                                            ¼  liter room

1 eetlepel natuurazijn                                                                                2 stengels bleekselderij

1 eetlepel dragonazijn                                                                               1 theelepel mosterd 

½ theelepel honing                                                                                  basilicum

4 eetlepels arachide-olie                                                                 bieslook                                                                                     

4 eetlepels basilicum-olie

 

Wijndressing

 

Meng de witte wijn, natuurazijn en dragonazijn, mosterd en hong doorelkaar.

Roer er druppelsgewijs de arachideolie en basilicumolie door en breng op smaak met zout en vers gemalen peper.

 

Aardappels

 

Kook de aardappels, geborsteld in de schil gaar met wat zout. Laat ze wat afkoelen en pel ze. Prak ze dan fijn. Meng ze met 2 dl. crème fraiche tot een mooi smeuïg mengsel. Meng er de fijngesneden bieslook door.

 

Groente

 

Snijd zoveel knolselderij, wortel en bleekselderij(eerst ontdraden) in kleine blokjes van ± 3mm. Tot een totaalgewicht van ± 500 gram. Roerbak deze groente, smoor wat boter er door en zo nodig wat zout er bij. Laat het dan afkoelen.

 

Baars

 

Kruidt de baars aan beide zijden met peper en zout en bak om en om in wat boter. Laat in de oven nagaren op 120 graden met het vel naar boven. Haal tenslotte het vel er af.

Klop de room lobbig. Warm het groentemengsel op met wat wijn dressing.

 

Serveren

 

Dep de vis voorzichtig droog met wat keukenpapier. Op voorverwarmde borden in het midden wat lauwwarme aardappelmengsel. Daarop de zeebaars en daarop wat groentemengsel. Leg daarop een boeketje basilicumblaadjes en wat bieslook stengeltjes.

 

Trek met de lobbig geslagen room een cirkel om het gerecht en druppel de dressing in het roomspoor.


Lamsribstuk met asperges en peultjes.

 

Voor 12 personen

 

5 stuks lamsribstuk                                                                               4 dl. Lamsfond

borrelglas rode port                                                                              boter, peper, zout en tijm

150 gram Bleu de Bresse                                                                      250 gram peultjes                      

1 kilo krielaardappeltjes (geschrapt)                                                     peterselie

36 speren asperges wit. AA

250 gram peultjes                            

 

 

Schrap de ribbetjes en kruid ze met wat peper, zout en tijm. Doe aluminium folie over de blanke botjes. Braad ze rondom in de boter snel bruin en laat ze rusten. Kort voor het serveren 5 min. in een warme voorverwarmde oven van 225 gr. Plaatsen om ze te garen. Kerntemperatuur 55 graden.

 

Voor de saus het braadvet afblussen met lamsfond en rode port. Het geheel laten inkoken tot 3 dl. Zonodig zeven. Dan de kaas in kleine blokjes gesneden toevoegen en laten smelten.

 

De krielaardappeltjes beetgaar koken. Voeg wat zout toe  en glaceer ze met wat boter. Strooi er ook fijngehakte peterselie over.

 

Schil de asperges en snijd het houtachtige uiteinde er af. Bewaar ze tot het koken in koud water. Was de schillen en de uiteinden en breng deze in een pan met ruim water aan de kook met een klontje suiker en wat zout. Laat het geheel dan nog 30 minuten trekken. Zeef het asperge- afval eruit. In dit water worden de asperges 12 minuten gekookt en daarna nog 12 minuten van het vuur af, laten nagaren. De groente uit de pan nemen, die nu gaar dient te zijn. Met wat boter glaceren, wat boter toevoegen en onmiddellijk opdienen op voorverwarmde borden.

 

Blancheer de peultjes in gezouten water 3 min. en daarna onmiddellijk  spoelen met koud water.

Daarna in de magnetron verwarmen en ook wat glaceren.

 

Serveren

 

Snijd met een scherp mes (elektrisch) de coteletjes van het ribstuk. 3 per persoon. Breng een spiegeltje saus aan op de voorverwarmde borden en leg de coteletjes daar dakpansgewijs op. Leg op ieder bord 3 asperges, 9-10 krielaardappeltjes en wat peultjes. Zorg dat het warm op tafel komt.

 

                                               


Perziken gevuld met marsepein, pistache ijs en creme suisse

 

 

Voor 12 personen                                                          

 

12 perziken                                                                                           ½ l volle melk

½  kilo suiker                                                                                        1 vanille stokje

2 kruidnagels                                                                                         6 eierdooiers

2 kaneelstokjes                                                                                      175 gram suiker

250 gram marsepein                                                                                 40 gram bloem

½ liter room                                                                                         12 kaneelbiscuits

 

Creme suisse

 

Splijt het vanille stokje en haal het merg er uit. Breng de melk met het merg en het stokje aan de kook. Laat het op een laag vuur 20 minuten trekken.

Roer de eierdooiers glad met suiker en bloem. Voeg een deel van de hete vanillemelk al roerend toe aan het eimengsel en roer dat glad.  Voeg dat dan toe aan de rest van de vanille melk. Laat dit vijf minuten op laag vuur gaar worden. Het mag onder geen voorwaarde koken. Haal het vanillestokje er uit en laat de crème afkoelen. Sla de room met suiker naar smaak stijf. Spatel de stijf geslagen room door de afgekoelde vanillesaus.

 

Perziken

 

Schil een halve citroen zeer dun en snijd de schil in dunne reepjes. Breng een halve liter water aan de kook  met  de suiker (500 gram). Zorg dat de suiker volledig oplost. Voeg de citroenschilletjes, kruidnagelen en kaneelstokjes toe. In het suikerwater worden perziken gekookt, maar niet te gaar en niet allemaal tegelijk met schil en al. Als het water kookt erin, als het weer kookt eruit. Wanneer alle perziken gepocheerd zijn kunnen ze afkoelen in het pocheervocht.

 

Haal de vellen van de perziken. Kook het kookvocht in. Snijd de perziken in tweeën en haal voorzichtig de pitten eruit. Vorm van marsepein bolletjes ter grootte van een pit, zoveel als er perziken zijn.

 

Serveren

 

Plaats een helft van de perzik in het midden van een diep bord. Vul de holte met een bolletje marsepein. Zet de ander helft hier overheen. Breng een royale vrij hoge cirkel van crème suisse aan op het bord. Giet voorzichtig pocheervocht lauwwarm tussen perzik en de dijk van de crème suisse die afgekoeld is. Leg  een kaneelbiscuitje over de perzik naar de rand van het bord en leg op de zo ontstane brug een bolletje pistache-ijs

 

Pistache-ijs                 SPOEDIG MEE BEGINNEN.

 

100 gram gepelde pistache-nootjes

1 liter volle melk

5 eierdooiers

200 gram suiker

 

Pistache-ijs

 

Maal de nootjes in de mixer fijn met toevoeging van enkele lepels melk. Breng de rest van de melk aan de kook. Haal van het vuur en meng de pistachenootjes er door. Laat dit een uur trekken. Klop de eierdooiers met suiker tot het mengsel licht van kleur wordt. Breng melk weer aan de kook en voeg langzaam onder voortdurend kloppen de melk bij het eimengsel. Blijf roeren, eventueel op een zeer laag vuur. Zo gauw  het mengsel dikker wordt van het vuur afhalen. Passeer de crème door een zeef en laat hem onder af en toe te roeren afkoelen. Draai er ijs van in de sorbetiere.